Ik was nu een heel jaar in remissie zoals dat officieel heet, en dat betekende dat de intensiteit van de controles een beetje werd afgezwakt. Het allergrootste gevaar was geweken en in plaats van elke maand, mocht ik voortaan om de maand terug komen. En dat betekende dat ik pas eind september of begin oktober terug hoefde naar Oncologie. Voordat ik terug mocht naar oncologie, had ik nog een afspraakje staan bij Neurologie. Die polikliniek zit vlakbij Ingang Oost, en dat is een mooie naam voor een tv-programma. Ook te bereiken via Radboud-Centraal, maar dan ben je een minuut of 20 in het ziekenhuis zelf onderweg. Alleen aan te raden als het buiten echt heel hard regent.
De neuroloog wilde nog een keer mijn handen en voeten controleren op dat vaak aanwezige dove gevoel. Dat er nog steeds zat.. En dan weer niet, en dan weer wel. Vaker wel dan niet…
Inmiddels was ik aan het dove gevoel gewend en het viel op als het gevoel terugkwam. “Komt het gevoel vaker terug dan voorheen?”, wilde ze weten.
– “Nou nee, eigenlijk niet, maar het voelt vreemd en raar aan, als alles “normaal” voelt. Dan is opeens het water uit de kraan veel warmer of kouder. Dat hangt er vanaf.” Gelukkig begreep ze wat ik bedoelde. Opnieuw kwam ze tot de conclusie dat het bijna zeker aan de chemo moest liggen en dat de (gevoels-)zenuwen die afgestorven waren wel zouden aangroeien. Maar daar had ik wat geduld voor nodig. En dat geduld betekende een jaar of drie, vier, vijf. Of langer. Of nog langer. Of misschien komt het wel helemaal niet goed. Ze kon daar geen uitsluitsel over geven. Het was echt afwachten en daar kon ik het mee doen. En had ik eigenlijk nog wel zo veel tijd? Einde verhaal Neurologie. Want ze kon weinig meer voor me doen.
Op 1 oktober was weer tijd voor controle. Eerst een longfoto, langs een prikmeisje dat 500cc wilde hebben en een onderzoek bij Oncologie.
Het bleef goed gaan, en hoefde ik pas in december terug. Maar er ontstond een nieuw fenomeen. Ik kreeg last van een schetterend geluid in mijn oor en ik scheen minder goed te horen, vond mijn vrouw. Dus in december tijdens mijn controle (inderdaad; longfoto, bloed) gaf ik dat aan. Ook hier weer die opmerking. “Dat zou best wel eens aan de chemo kunnen liggen. Ook nog na bijna anderhalf jaar. Maar ik schrijf een verwijzing voor de KNO-arts en wens u prettige feestdagen…”
Sterk spul hè, die chemo…