Consult

C

De volgende ochtend belde ik de huisartsenpraktijk voor een afspraak. De assistente vroeg wat mijn klachten waren en ik kon om 10.00 uur die ochtend terecht.

Ik vertelde bij de huisarts mijn klachten en hij zei: “Laat maar eens zien.”

Ik zei: “Wat zegt u?” en hij zei nog een keer dat hij het wilde zien. Fuck, daar had ik niet aan gedacht. Natuurlijk wilde hij het zien. Hij deed een blauw handschoentje aan voelde wat hier en daar en vertelde me dat ik waarschijnlijk een hydrocèle had. “Wat is dat? Een eh.. hydrocèle?”, vroeg ik. Hij vertelde dat dat in het Nederlands een balzak waterbreuk heet. Dat het heel erg weinig voorkomt, dat het verstandig was om er een uroloog naar te laten kijken omdat het zeer zou kunnen gaan doen.

“Zeldzaam, dokter?”

“Nou”, zei de huisarts: “U bent de tweede volwassene die ik met deze klacht zie in mijn praktijk.” Ik heb weer eens iets. Eigenlijk nooit ziek, maar als ik dan eens naar een dokter ga is het iets wat bijna nooit voorkomt.

“Pijn?” De dokter zei dat het kon gaan voelen alsof je tussen je benen was geschopt. Een keer of vijf. Hard.

Ondertussen had de huisarts een verwijsbrief gemaakt met een soort van registratienummer dat ik door moest geven als ik de poli Urologie belde. Dan wist de assistente waarover het ging, wie ik was en zou alles zo geregeld zijn. Klikkerdeklik.

Zorg echt dat u binnen een week door de uroloog bent gezien. Dit kan heel erg pijnlijk worden”, zei de huisarts nog een keer.

Add comment